Gemeentelijke werkingssubsidie voor erkende jeugdverenigingen

Subsidiereglement betreffende de toekenning van werkingssubsidies.

Voorwaarden

Het toekennen van de subsidie gebeurt op basis van het subsidiereglement.

Art 1: Binnen de perken van het krediet, daartoe goedgekeurd op de jaarlijkse begroting van de gemeente Brakel, wordt door het schepencollege een toelage verleend voor de werking door Brakelse jeugdverenigingen.

Art 2: Onder werkingssubsidie wordt bedoeld de ondersteuning van jeugdwerk voor het werven en behouden van leden binnen het jeugdwerk in Brakel.

Wie kan worden gesubsidieerd?

Art. 3: Om voor subsidiëring in aanmerking te komen moet de jeugdvereniging voldoen aan de algemene voorwaarden, namelijk:

  1. Om gemeentelijke subsidies te ontvangen moet de Brakelse jeugdvereniging jaarlijks erkend worden door het college van burgemeester en schepenen. De jeugdraad en de jeugddienst brengen hierover telkens de eerste algemene vergadering na 1 september advies uit aan het gemeentebestuur.

  2. Om als jeugdvereniging erkend te worden, moet aan alle onderstaande voorwaarden voldaan zijn:

    • de vereniging is een jeugdvereniging: 60% van het totaal aantal leden moet jonger zijn dan 25 jaar en er moet een minimum zijn van 20 leden;

    • de zetel en de lokalen van de vereniging bevinden zich in Brakel;

    • minstens 50% van de leden woont in Brakel (uitgezonderd het bijzonder lid Diggie vzw);

    • de vereniging organiseert een of meerdere activiteiten (vergaderingen, voorbereidingsvergaderingen en dergelijke meer worden niet meegerekend) per jaar in Brakel Deze activiteiten worden via facebook gecommuniceerd met Jeugdraad Brakel (@BrakelseJeugdraad) als medeorganisator;

    • inspraak van jongeren in de organisatie is verzekerd;

    • minstens één jaar werking kunnen aantonen.

  3. Opstartende verenigingen kunnen een voorlopige erkenning krijgen. Zij moeten hiervoor eveneens aan de voorwaarden van punt 2 voldoen. Wat het aantal activiteiten betreft, moeten ze aantonen dat ze van plan zijn minstens 8 activiteiten - gespreid over hun werkjaar - te organiseren. Wanneer het volgende werkjaar blijkt dat zij toch niet aan deze voorwaarden voldaan hebben, worden zij niet opnieuw erkend en worden de ontvangen gelden teruggevorderd.

Art 6: Het totaal voorziene subsidiebedrag wordt op 1 december van het lopende kalenderjaar verdeeld volgens het aantal jeugdverenigingen; de werkingsperiode loopt van 1 december van het voorafgaandelijk kalenderjaar tot en met 30 november van het lopende kalenderjaar.

Hoe gebeurt de aanvraag en toekenning?

Art 7.: De aanvragen dienen voor 30 november ingediend te worden bij het schepencollege en moeten volgende gegevens bevatten: gegevens bevatten:

  1. Bewijs van verzekering;

  2. Betalingsbewijs verzekering;

  3. Overzicht activiteiten van het werkjaar;

  4. Rekeningnummer van de vereniging.

Procedure

Enkel verenigingen erkent door de jeugdraad komen in aanmerking.

Downloads

Naar top