Het graf van de familie Druez – Pollaert (locatie C-8-14/16) (EBO-23)
De imposante ruime grafkelder met afdekking in hardsteen van de familie Druez ligt rechts op het einde van de laatste rechtse zijweg. Op elke hoek van de afdekking van de kelder is een balkje in hardsteen aangebracht. De voorste balkjes zijn met twee koperen profielen, vierkant op doorsnede en geplooid onder een hoek van 90 graden, aan de dekstenen bevestigd om de hoek te verstevigen. De achterste balkjes flankeren de opstaande drieledige achterwand. Ze zijn bijkomend bevestigd, elk met een geplooid profiel. Op het middelste deel van de drieledige achterkant is een bronzen plaat aangebracht waarop de gekruisigde Christus is afgebeeld, geflankeerd aan beide zijden met een geknielde engel. Daaronder is volgende tekst aangebracht: “SEPULTURE / DE LA FAMILLE / DRUEZ – POLLAERT”. Voor de beide zijpanelen is telkens een hardstenen bloemenbak aangebracht.
In de grafkelder rusten Joseph Druwez, Clementine Pollaert, Marie Elisabeth Druwez, René Alphonse Druwez, Jeanne Alix Vandenhaute, Maria Rachel Druwez, Alfred Emile Debeck en Zoë Druwez.
Joseph Druwez was een landbouwer wonende in de Nieuwpoort te Everbeek. Hij was de zoon van François en Pauline Henau en hij huwde met Clementine Pollaert, dochter van Dominique en Anne Marie Spitaels. Het echtpaar kreeg negen kinderen. Hoewel de originele naam als “Druez” gespeld werd, een samentrekking van “De Ruez”, werden zowel Joseph als zijn kinderen geregistreerd als “Druwez”. Toch komt “Druez” ook voor in Everbeek. De naam blijkt van Franse origine te zijn en in die taal wordt “w” weinig gebruikt, behalve in leenwoorden uit een andere taal. Op het graf werd de originele naam “Druez” blijkbaar behouden hoewel er niemand ligt met die oorspronkelijke naam.