De grafkelder van de familie De Croo A4 – 1 – 6 (MIC-15)

Tegen de gevel van de linkerzijbeuk, naast de hoofdingang, ligt het graf van de familie De Croo. Het is afgedekt met een drieledige grafsteen in hardsteen. De tekst is aangebracht in witte letters op een donkere marmeren plaat. Boven het middenpaneel is een opgaande zon afgebeeld, bekroond met een kruis in hardsteen. Op het middenpaneel zijn de voorouders van Herman De Croo, in mannelijke lijn, aangebracht: “TER HERINNERING AAN / DE VELE OVERLEDENEN VAN / DE FAMILIE DE CROO / OP DIT KERKHOF BEGRAVEN / SEDERT DE 16E EEUW / EN IN HET BIJZONDER AAN / HUN RECHTSTREEKSE AFSTAMMELINGEN / 1795 FRANCISCUS DE CROO 1878 / 1788 GENOVEVA DE VEL 1872 / 1829 CONSTANT DE CROO 1864 / FELICITAS VAN DER BRACHT / 1859 FRANCISCUS DE CROO 1925 / 1858 EUGENIE VAN DER HOEVEN 1945 / 1902 ALFONS DE CROO 1987 / 1906 GERMAINE WAUTERS 1997 / 1937 HERMAN DE CROO / 1939 FRANÇOISE DESGUIN”

Op het linkse paneel staan enkele familieleden vermeld: “JEAN-BAPTIST / DE CROO / 1820-1907 / EERW. HEER / ALFONS DE CROO / 1861-1938 / CONSTANT / DE CROO / 1864-1957 / GERMAINE / WAUTERS / 1906-1997”. Het rechtse paneel is onbeschreven.

De panelen vertellen de familiegeschiedenis De Croo, met de voorouders van Herman De Croo. De vroegste voorouders die vermeld zijn op de grafsteen zijn Francies De Croo en Genoveva De Vel.

Francies was de oudste zoon van Constantinus De Croo en Maria-Theresia Steurtewagen. Hij huwde met landbouwster en spinster Genoveva De Vel, dochter van Joannes (Baptista) en Maria Anna Van der Haegen. Hun oudste zoon, Marinus, werd vier dagen vóór hun huwelijk geboren. Francies deed zelf de aangifte en erkende Marinus als zijn zoon, maar het kind werd toch onder de naam De Vel ingeschreven. De broer van Genoveva, Petrus De Vel, bouwde in 1842 een watermolen op de Dorrebeek aan de Boekendries, thans Nieuwstraat. Het gezin Francies De Croo-De Vel woonde aan de Streeckt te Michelbeke (Strichtstraat). In feite woonden ze vlakbij de Boekendries aan een weg die naar de huidige Strichtstraat loopt. Francies was landbouwer en herbergier en hij volgde de sporen van zijn schoonvader in de gemeentepolitiek. Op 25 januari 1867 legde hij de eed af als raadslid en op 21 september 1872 werd hij tweede schepen. Francies bleef schepen tot zijn overlijden op 8 april 1878 en werd in de gemeenteraad opgevolgd door zijn zoon Jan Baptist De Croo (Vermeld op het linker paneel) die op 12 mei 1879 de eed aflegde als schepen. Na een eerste mandaat werd hij opnieuw verkozen en op 7 januari 1885 en legde hij opnieuw de eed af als schepen. Hij was een tijdje dienstdoende burgemeester na het overlijden van burgemeester Pieter Francies Pijcke op 28 november 1884. In januari 1885 legde hij de eed af als burgemeester. Op 5 maart 1885 leidde hij als burgemeester de eedaflegging van de nieuwe schepenen. Hij bleef actief in de gemeentepolitiek tot 1888 en werd dan opgevolgd als raadslid door zijn neef Francies De Croo, zoon van Constant. Richard Van Hessche werd toen burgemeester. Jan Baptist De Croo was pauselijke zouaaf. Begin 1860 was er een grote wervingscampagne en op 20 mei 1860 werd een eerste Frans-Belgische, zogenaamde ‘Tirailleurscompagnie’, opgericht in Rome. Op 24 mei 1861 werd Jan Baptist aanvaard als pauselijke zouaaf. Hij was vrijgezel en met zijn 41 jaar was hij de oudste van de Zuid-Oost-Vlaamse vrijwilligers. Hoewel zijn contract afliep op 30 mei 1863, bleef hij drie maanden langer in dienst en hij onderschreef op 12 november 1863 een nieuwe verbintenis voor twee jaar. In een brief uit Rome van 1863, verschenen in “De Volksstem” van 14 februari 1914, stond dat hij na 30 maanden uit Rome terugkeerde om zijn familie te groeten, maar dat hij nadien terugkeerde. Op 17 augustus 1864 verliet hij het korps. Na zijn terugkeer was hij voorzitter van de kerkfabriek en van verschillende godvruchtige genootschappen. Jan Baptist heeft op het einde van zijn leven vijf reizen naar het Heilig Land ondernomen. Hij bezocht het Heilig Graf en verschillende andere heilige plaatsen in Palestina. In een artikel in “De Volksstem” van 3 juli 1901 verscheen dat de klokken geluid werden toen hij van zijn vijfde reis naar Jeruzalem terugkeerde en dit in zijn 82ste levensjaar. Zijn vroegere reizen hadden plaats in 1890, 1893, 1896 en 1899, nadat hij de gemeentepolitiek al vaarwel had gezegd.

In de stamreeks op het centrale paneel worden dan Constant De Croo en zijn echtgenote Felicita Van Der Bracht vermeld. Constant De Croo, de jongste zoon uit het gezin De Croo – De Vel, huwde met de Michelbeekse Felicitas Van der Bracht, dochter van Constant en Maria Anna Van Wijmeersch. Maria Anna was een telg uit het Michelbeekse kostersgeslacht Van Wijmeersch. Het echtpaar vestigde zich in de ouderlijke woning van Felicita aan de Lepelstraat. Het is thans de woning van premier Alexander De Croo. Het echtpaar kreeg vijf kinderen, maar de jongste zoon werd vijf maanden na het dodelijk ongeluk van Constant geboren. Hij kreeg de voornaam van zijn overleden vader. Het dramatisch ongeval gebeurde op 19 juli 1864 aan de woning in de Lepelstraat. Volgens de overlevering kwam Constant, samen met zijn schoonbroer, terug uit Oudenaarde waar ze huisbrandkolen hadden gelost op een schip. Ongeveer ter hoogte van zijn woonplaats viel Constant van de vierduimer en kwam onder de wielen terecht. Hij overleefde het niet.

De oudste dochter Hortentia De Croo huwde op 36-jarige leeftijd met molenaar François De Geeter van Nederbrakel. Joannes Alphons De Croo (vermeld op het linkerpaneel), kortweg Alphons geheten, werd priester. Hij was eerst co-adjutor in Daknam en nadien opeenvolgend onderpastoor in Laarne en in Knesselare om tenslotte pastoor te worden van de Ruiterskerk in Waasmunster. Hij ging op rust op 22 september 1927 in Meerbeke (Ninove) waar hij in 1939 overleed.

Eugenia De Croo huwde met Fredericus Van Den Neucker uit Steenhuize. Het echtpaar vestigde zich in Voorde waar ze een landbouwbedrijf uitbaatten.

De jongste zoon, Constant De Croo (vermeld op het linkerpaneel), bleef ongehuwd. Hij ging ook in de politiek en werd in 1926 verkozen als raadslid. In 1934 volgde hij Achiel Coppens op als burgemeester van Michelbeke, na diens overlijden op 22 november 1934. In 1941 werd Constant De Croo door de Duitsers tot aftreden gedwongen omdat hij de leeftijdsgrens, die ze stelden, al ruim had overschreden. Hij was toen immers 77 jaar en werd opgevolgd door zijn neef Alfons De Croo. Met de bevrijding in 1944 werd het college afgezet en werd Constant De Croo opnieuw burgemeester.

Het volgende echtpaar in de stamreeks op het centrale paneel zijn Francies De Croo en Eugenia Vanderhoeven. Francies De Croo, zoon van Constant en Felicitas Van der Bracht was gehuwd met Eugenia Vanderhoeven uit Nederhasselt, dochter van Livien en Theresia Goessen. Op de grafsteen is het geboortejaar van Eugenie fout. Ze is wel degelijk in 1859 geboren. Francies De Croo volgde zijn oom Jan Baptist in de politiek. Op 9 februari 1888 legde hij de eed af als gemeenteraadslid en hij bleef dat tot zijn overlijden in 1925. Hij zetelde 37 jaar in de gemeenteraad als oppositielid. Verschillende keren stelde hij zich tegenkandidaat bij de schepenverkiezingen. Hij werd opgevolgd door zijn jongste broer Constant. Francies en Eugenia kregen een dochter, die korte tijd na de geboorte overleed, en een zoon Alfons.

De volgenden in de stamreeks op het centrale paneel zijn Alfons De Croo en Germaine Wauters. Het zijn de ouders van Stella en Herman De Croo. Alfons De Croo huwde met Germaine Wauters uit Meerbeke, dochter van Clement en Joanna Henrion. Haar ouders hadden een grote landbouwuitbating en melkerij, Hof Eendenplas, aan de Hallebaan in Meerbeke. Het echtpaar De Croo-Wauters woonde aan de Lepelstraat in de boerderij, waar omstreeks 1850 Joseph en Augustin De Vel, twee broers van Genoveva, de overgrootmoeder van Alfons, gewoond hadden. Alfons startte omstreeks 1935-36 met een melkerij in Michelbeke. Germaine Wauters bracht heel wat dynamiek in de landbouw en handelsactiviteiten van het gezin. Ze raadde Alfons aan om zijn eigendommen in Michelbeke in kleine stukjes te verhuren om zo een cliënteel op te bouwen van leveranciers voor de melkerij. Tijdens de bezetting in 1941 wilden de Duitsers af van de kleine melkerijen die in elk dorp bestonden en ze vonden dat Michelbeke maar aan een melkerij in het Zottegemse moest leveren. De plannen voor een grote melkerij aan de Lepelstraat in Michelbeke konden niet worden uitgevoerd en de machines werden uitgebroken en naar melkerij Prové in het Zottegemse overgebracht.

Bij de verkiezingen van 24 november 1946 behaalde de lijst van Alfons De Croo een klinkende overwinning. Zijn benoeming als burgemeester liet evenwel wat op zich wachten wegens het uitgebreid onderzoek dat gevoerd werd omwille van het feit dat hij tijdens de oorlog burgemeester was geweest. Albert Van Helleputte was eerste schepen en bleef tot september 1947 dienstdoende burgemeester. Alfons bleef burgemeester tot einde 1952. Ernest De Wolf volgde hem op als burgemeester tot in 1964. Toen werd Herman De Croo, zoon van Alfons, burgemeester van Michelbeke.

Menu

Pin It on Pinterest